Kanogedichten door Joop van den Bos
DE VLIELAND NAJADE

Het perspectief schuift de man
in de kayak
naar een
andere dimensie.
Hij houdt zijn plaats niet,
zijn verblijf.
Het ritme volgt een onbekende orde,
daar waar zijn peddel
vleugels zijn.
In een waas naar purper,
op de deinende spiegel
achter een fel blinkende
kaats.
Hij verdwijnt
zonder te sterven,
hij ontstoft,
lost de afstand op.
In zichtbare stilte!
Hier moet het wad zijn.
Maar niemand weet de tijd,
totdat we weer bewegen.
En meeuwen in triomf,
zonder enige doodsangst
het blije klagen krijsen!
In halflicht
haar sluimer ruimte,
Een liggend naakt.
Joop van de Bos (1928) schrijft gedichten over Rotterdam. Voor meer gedichten, zie zijn bundel 'De Linkse Hoek, Loepzuiver'.
